Sombere obesitaspatiënt meer kans op afvallen

14 november 2011

Obesitaspatiënten met een maagband hebben een grotere kans om duurzaam af te vallen als zij voor de operatie neerslachtig zijn. Met dit opmerkelijke onderzoeksresultaat promoveert Hanna Zijlstra, docent Voeding en Diëtetiek, aan de Universiteit Utrecht.

Zijlstra onderzocht 350 patiënten van het St. Antonius Ziekenhuis Utrecht/Nieuwegein die een maagbandoperatie ondergingen in de periode 2000 tot 2010. Ze bekeek welke factoren voorspellen wie veel en wie weinig afvalt na een maagbandoperatie. In de wetenschap is al veel geschreven over een positieve levensinstelling en de positieve effecten hiervan op de gezondheid. Bij ernstige obesitas blijkt nu wonderwel precies het tegenovergestelde te gelden.

Positieve instelling

Jezelf kunnen motiveren, een positieve verwachting hebben en ook het tevreden zijn over de ingreep, bleken juist niet automatisch te leiden tot goede resultaten. De patiëntengroep die voorafgaand aan de ingreep somber gestemd was behaalde wel een goed gewichtsverlies voor de langere termijn. Een andere opvallende conclusie is dat mensen met een meer positieve instelling na de operatie meer aanvullende zorg en therapie nodig hebben om gedegen af te vallen.

Signaal

“Neerslachtige obesitaspatiënten lijden meer. Dat lijden is een signaal dat er een verandering nodig is in hun toestand. Het kan zijn dat ze daardoor sneller hulp zoeken. Daarnaast kan het ook zo zijn dat sombere mensen eerder en intensievere hulp krijgen aangeboden door hulpverleners. Hoe dan ook, juist als je vrolijk bent, blijkt afvallen met een maagband geen ‘piece of cake’.”, zegt Zijlstra.

Begeleiding

“Het is zeker niet mijn bedoeling om positieve mensen die aan obesitas lijden, de put in te praten”, stelt Zijlstra. “Dat kan niet de bedoeling zijn van wetenschappelijk onderzoek.”De opvallende uitkomst is vooral belangrijk voor zorgverleners. Zijlstra: “Het professionele team dat de maagbandoperatie begeleidt moet er alert op zijn dat het bereiken van gewichtsverlies en gewichtsstabilisatie juist voor mensen met een vrolijkere kijk op het leven wat moeilijker kan zijn. Ook deze patiënten hebben – in tegenstelling tot wat we altijd dachten – voldoende begeleiding en aandacht nodig.”

Bron: Gezondheidsnet

Bookmark the permalink.

Comments are closed.